Afgelopen zondag liep ik mijn vijfde marathon, in Düsseldorf. Aangekondigd als mijn laatste maar daar twijfel ik nu aan. Ik was hard aan het werk maar genoot. Met volle teugen, sterk. Ik denk dat ik een aantal dingen goed heb aangepakt, in de voorbereiding en tijdens de wedstrijd. Die lessen deel ik hier. Alles wat misging trouwens ook. 🙂
Buikpijn
Uit Het hardloperskookboek leerde ik dat je ongeveer acht gram koolhydraten per kilo lichaamsgewicht moet innemen de dag vóór de wedstrijd. Ik weeg zeventig kilo dus mikte ik op 550 gram. Dat is veel. Ongeveer zes tot zeven borden pasta. Of twintig krentebollen.
Het shakeout rondje aan het eind van die middag ging stroef, mijn buik stond zó strak.
Alles wat ik vrijdag had klaargemaakt ging zaterdag op. Het shakeout rondje aan het eind van die middag ging stroef, mijn buik stond zó strak. Maar de volgende ochtend deden drie koppen koffie hun werk en had ik genoeg ruimte voor mijn overnight oats en halve banaan. Knallen!

Volume
Ik heb in de loop der jaren veel gelezen over de marathon. Wat ‘alle’ theorieën gemeen hebben: meer weekvolume is meer snelheid op de hele. In overleg met coach Johan Neve trainde ik achttien weken, met drie opeenvolgende topweken rond de negentig kilometer.
Na de finish zondag kon ik bevestigen: mijn tempo bracht me inderdaad (ruim) onder de drieënhalve uur die ik voor ogen had. Iets wat minder goed ging, daar las ik na afloop wat moois over.
Extra hydrateren? Let erop dat je voldoende water drinkt de laatste dagen voor de marathon.
Focus
Namelijk: tussen vijfendertig en veertig kilometer zakte mijn tempo met ruim tien/vijftien seconden per kilometer. En dat kwam niet omdat ik ‘op’ was: mijn laatste tweeënhalve kilometer lagen rond of zelfs onder mijn gemiddelde tempo tijdens de eerste helft. Hoe het dan kwam? Even niet opletten, te weinig focus.
‘Had Martijn wel moeten starten? Heb ik genoeg getraind?’ Loop in het nu, niet in gedachten.

Racefuel
Van mijn collega Jesse hoorde ik dat tachtig tot honderd gram koolhydraten per uur tijdens de marathon optimaal is (Sabastian Sawe was dit weekend de eerste mens die in een officiële marathon onder de twee uur dook. Hij slobberde per uur honderdvijftien (!) gram koolhydraten weg). Tijdens mijn marathon had ik voor elk uur twee normale Born gels en één Born supergel bij me. Genoeg voor ongeveer 85 gram koolhydraten per uur. Met sportdrank kreeg ik elk uur nog zo’n 10 gram extra koolhydraten binnen. Ging top, niet mee geoefend echter, slordig dus.
Bonusles: ik dronk op vrijdag én zaterdag een liter Maurten sportdrank 160. Niet alleen voor de extra koolhydraten maar ook om wat meer vocht binnen te krijgen. Extra hydrateren? Let erop dat je voldoende water drinkt de laatste dagen voor de marathon.

Marathon amnesia
Wat je níet moet doen tijdens de marathon: je strategie gaan herberekenen, zoals ik. Je komt namelijk op het verkeerde antwoord. 🙂 Mijn rekensom vooraf (die klopte): drie gels per uur, tijdens de eerste drie uur. Negen gels, dus die stak ik bij me. Na een uur lopen kwam ik tot de conclusie: ik heb te weinig gels bij me, ik moet terug naar één gel per vijf kilometer. Hoe dan? 🙂 In het hotel haalde ik dus twee ongebruikte gels uit mijn broek, zonde.
Eind goed, al goed
Al met al een geweldige ervaring. Waarin ik iets langzamer liep dan gepland, maar dat besloot ik zelf, na drie kilometer. Want dat is misschien wel de belangrijkste les die ik je mee wil geven. Na het lopen van ontelbare events, van alles tussen de 3.6 en zestig kilometer, mag ik erop vertrouwen dat ik op raceday al na twintig minuten weet wat ik die dag waard ben.








